De vergeten Friezen in Denemarken
Voorpagina > De taal van de Friezen > De vlucht voor de stormvloed

De vlucht voor de stormvloed

Van het Fries wordt gezegd dat het één van de oudste talen van het noordelijke deel van Europa is. Bekend is dat langs de hele Noordzeekust, van België tot aan de Deense westkust, Fries werd gesproken. De taal is daarbij natuurlijk altijd een van de belangrijkste identiteitskenmerken voor de Friezen en hun cultuur geweest.

Dat het Fries in het Engeland van de oude tijden werd gesproken, of op zijn minst werd verstaan, is niet zo verwonderlijk. Vaak heeft vanuit het oosten kolonisatie van het Engelse eiland plaatsgevonden; mogelijk al kort nadat ongeveer 12.000 jaar geleden het ijs zich terugtrok en Noord-Europa en Engeland over land met elkaar werden verbonden. De eerste mensen die naar Engeland kwamen, moeten van Noordeuropese stammen afkomstig zijn geweest. Veel daarvan hebben vermoedelijk een taal gesproken die zich ontwikkelde tot dat wat wij nu als Fries aanduiden.

Later heeft waarschijnlijk een groter aantal Friezen, die regelmatig moesten vluchten voor oorlogen, stormvloeden en voor overstromingen, die keer op keer hun land verwoesten, zijn heil in het westen, richting Engeland gezocht. Vermoedelijk zullen zij ook wel als Vikingers het land op veroveringstochten hebben aangedaan.

De verschillen in taal tussen de Noordeuropese stammen zijn, zoals verwoord, waarschijnlijk niet groot geweest. Er werden, wanneer men tenminste niet met elkaar in oorlog was, onderlinge huwelijken tussen de stammen aangegaan en men heeft met elkaar kunnen communiceren. Net zoals vandaag de dag Noordjutse ,Noordengelse en Schotse vissers met elkaar kunnen spreken en elkaars dialecten via de radio verstaan, als ze buitengaats op de Noordzee vissen.